-
- Voedselallergie
bij de kat
-
- Francis
Pastoor, Leo Pharmaceutical Products BV, Weesp
-
- De term
voedselallergie wordt vaak gebruikt als
verzamelnaam voor nadelige reacties op
voeding. Bij katten kan voedselallergie
huidproblemen en maag- en darmklachten
veroorzaken. Dit artikel geeft een overzicht
van de symptomen van voedselallergie bij de
kat, de methode die de dierenarts gebruikt
voor het stellen van de diagnose en de
behandeling die de dierenarts bij katten met
voedselallergie voorschrijft.
-
- Nadelige
reacties op voedsel worden in de praktijk vaak
bestempeld als 'voedselallergie'. Deze
naamgeving is niet geheel juist, omdat de term
'allergie' aangeeft dat het een reactie van
het immunologische afweersysteem betreft. Het
immuunsysteem is echter niet bij alle nadelige
reacties op voedsel betrokken. Dergelijke
reacties kunnen ook een gevolg zijn van niet-
of onjuist functioneren van
spijsverteringsenzymen en giftige of op
medicijn-gelijkende bijwerkingen van
voedingsmiddelen en hun omzettingsprodukten
(voedselintolerantie) (7). De achterliggende
oorzaak van een nadelige reactie op voeding is
vaak niet exact vast te stellen. Daarom wordt
vaak in de praktijk (9, 13) en ook in dit
overzicht, ongeacht de oorzaak, voor alle
nadelige reacties op voeding de term
voedselallergie gebruikt.
- Het is
niet precies bekend hoeveel katten last hebben
van voedselallergie. De schatting is dat
ongeveer 1 tot 10 procent van de huidproblemen
bij katten het gevolg is van voedselallergie
(2, 4, 5, 10, 13). Voedselallergie komt bij
alle katterassen even vaak voor. Met
betrekking tot het vóórkomen van
voedselallergie is er eveneens geen relatie
met geslacht of leeftijd aangetoond (4, 5,
15). Voedselallergie kan na een recente
verandering in de voeding optreden, maar dit
is niet strikt noodzakelijk. Vaak ontwikkelen
katten een allergie tegen bestanddelen in de
voeding, die zij al jaren zonder problemen
gegeten hebben (6, 10).
-
- Symptomen
van voedselallergie bij de kat
- Voedselallergie
kan op vele manieren tot uiting komen en bij
iedere kat een ander ziektebeeld opleveren. Er
is daarom bij voedselallergie niet te spreken
over een algemeen herkenbaar ziektebeeld (5,
13).
- De meest
voorkomende klacht bij voedselallergie is een
niet-seizoengebonden huidprobleem, waarbij
jeuk vaak op de voorgrond treedt. De jeuk komt
tot uiting in krabben, schuren, likken of
overmatig wassen (4). Enkele andere
huidklachten die als gevolg van
voedselallergie kunnen ontstaan zijn miliaire
dermatitis (gekenmerkt door de aanwezigheid
van vele kleine korstjes, bobbeltjes en
huidschilfers), eosinofiele plaques (grote,
verhoogde, vaak rood gekleurde 'schijven'),
haaruitval, zweren en oorontsteking (1, 4, 5,
13, 14). Deze symptomen kunnen zowel
afzonderlijk als in combinatie voorkomen.
Huidafwijkingen en jeuk kunnen op alle
plaatsen van het lichaam voorkomen, maar zijn
bij ongeveer de helft van de katten
voornamelijk gelokaliseerd op de kop en nek
(15). Behalve huidproblemen kan
voedselallergie ook maag- en darmklachten
zoals braken, diarree en winderigheid
veroorzaken (2, 5). Maag- en darmklachten
kunnen het enige symptoom van voedselallergie
zijn (3), maar kunnen ook in combinatie met
huidproblemen voorkomen. Heel zelden kan
voedselallergie bij katten naast huidproblemen
en maag- en darmklachten andere symptomen
zoals astma en gewrichtsontsteking veroorzaken
(1, 5).
- Hoe
wordt door de dierenarts de diagnose
voedselallergie gesteld?
- Voedselallergie
kan, zoals hierboven beschreven is, een
veelheid aan symptomen veroorzaken. Het is
echter onjuist te denken dat alle katten met
bovenbeschreven huidproblemen en/of
maagdarmklachten last hebben van
voedselallergie. Ook andere oorzaken kunnen
tot vergelijkbare symptomen leiden. Irritatie
als gevolg van vlooiebeten, allergie voor
vlooien, graspollen, huismijt, medicijnen etc.
en besmetting met mijten, schimmels of
bacteriën kunnen dezelfde huidproblemen
veroorzaken als voedselallergie (4, 5, 9, 13).
Maag- en darmproblemen kunnen eveneens
veroorzaakt worden door besmetting met
darmparasieten. Voordat de dierenarts de
diagnose voedselallergie kan stellen, is het
noodzakelijk andere oorzaken, die eenzelfde
ziektebeeld opleveren, uit te sluiten.
- Voor het
stellen van de diagnose is het allereerst
belangrijk dat de dierenarts voldoende
informatie krijgt over het ontstaan van de
symptomen en de manier waarop klachten zich
ontwikkeld hebben. Het is verder nuttig te
weten of de kat buiten komt, of er binnen het
huishouden meer huisdieren met klachten zijn
en welke voeding verstrekt wordt. Vervolgens
kan door middel van huidonderzoek, waarbij
inspectie van vacht, huid en huidafkrabsels
plaatsvindt, de aanwezigheid van parasieten en
infecties met schimmels of bacteriën worden
vastgesteld (4, 5, 13). Als er duidelijke
aanwijzingen zijn dat de kat last heeft van
een andere allergie dan voedselallergie
(bijvoorbeeld allergie voor vlooien,
graspollen, huisstof, huidschilfers of
geneesmiddelen) dan kan dit vaak door middel
van bloedonderzoek of huidtesten vastgesteld
worden. Het is niet mogelijk met behulp van
dergelijke testen betrouwbaar een diagnose van
voedselallergie te stellen (4, 14).
- De enige
juiste manier om met zekerheid voedselallergie
vast te stellen is door gebruik te maken van
een zogenaamd 'hypoallergeen eliminatiedieet'.
Een zelfbereid hypoallergeen eliminatiedieet
wordt gemaakt van bestanddelen die de kat niet
eerder verstrekt kreeg. Omdat voedselallergie
als gevolg van een immunologische reactie
tegen een voedermiddel pas kan optreden als
het dier vaker aan het voedermiddel is
blootgesteld, is de kans dat de kat een
nadelige reactie op het hypoallergene
eliminatiedieet vertoont zeer gering. De
samenstelling van een geschikt hypoallergeen
dieet hangt af van de gebruikelijke voeding
van de kat. Een zelfbereid eliminatiedieet
wordt vaak samengesteld uit uitsluitend
lamsvlees en rijst. Als de kat echter gewend
is lamsvlees of een commercieel kattevoeder
bereid met lamsvlees te eten, kan bijvoorbeeld
kip of konijn gebruikt worden. Gedurende een
periode van ongeveer 6 weken krijgt de kat
uitsluitend water en het hypoallergene
eliminatiedieet verstrekt. Melk, snoepjes,
tafelresten, snacks of supplementen mogen niet
gegeven worden omdat de kat hier ook gevoelig
voor kan zijn (1, 2, 5, 14). Om te kunnen
controleren of de kat niets anders dan het
hypoallergene dieet eet, moet het dier
binnenshuis gehouden worden. Om uitsluitend
het effect van het eliminatiedieet te kunnen
bestuderen zal een dierenarts over het
algemeen tijdens de eliminatietest geen
medicijnen ter onderdrukking van allergische
reacties of bacteriële infecties
voorschrijven. Slechts bij enkele gevallen
wordt medicatie gedurende de eerste 2 tot 3
weken van de test toegestaan. Het is dan
belangrijk dat het eliminatiedieet nog enkele
weken na beëindiging van de medicatie wordt
verstrekt om zo het effect van het dieet en de
medicatie te kunnen onderscheiden (2). Een
test met een hypoallergeen eliminatiedieet
vereist de volledige medewerking van de
eigenaar van de kat en kan alleen goed
verlopen als de eigenaar goed door de
dierenarts is voorgelicht en zich strikt aan
de voorschriften houdt (12).
- Bij een
kat met voedselallergie zullen de symptomen
tijdens verstrekking van een geschikt
hypoallergeen dieet binnen een periode van
enkele dagen tot weken verdwijnen (15). Om met
zekerheid vast te stellen of de verbetering
geen toeval, maar het resultaat van het
hypoallergene dieet was, wordt vervolgens de
oorspronkelijke voeding weer aan de kat
gegeven. Slechts indien de symptomen weer
opgewekt worden door het gebruik van de
oorspronkelijke voeding en opnieuw herstellen
na verstrekking van het hypoallergene dieet,
is voedselallergie definitief vastgesteld (2,
11).
-
- Het
vaststellen van het allergie-veroorzakende
voedingsmiddel
- Als de
diagnose voedselallergie gesteld is, is het
voor de behandeling belangrijk vast te stellen
voor welk bestanddeel van de oorspronkelijke
voeding de kat allergisch is. Hiervoor wordt
telkens slechts één onderdeel van de
oorspronkelijke voeding gedurende 1 tot 2
weken aan het hypoallergene dieet toegevoegd
(2, 4, 11). Als de kat geen nieuwe symptomen
krijgt, kan het voedermiddel blijvend aan het
hypoallergene dieet toegevoegd worden. Als
echter de klachten binnen enkele uren tot 2
weken na de start van de toediening van het
voedingsmiddel terugkomen, is de kat
allergisch voor het betreffende voedermiddel
en dient dit in het vervolg vermeden te
worden. Voor de volgende voedermiddelen is
aangetoond dat zij voedselallergie bij de kat
kunnen veroorzaken: vlees (rund-, varkens-,
kippe-, paarde-, konijne- en lamsvlees), vis,
melk en melkprodukten, eieren, tarwe-, soja-
en rijstemeel, commerciële kattevoeders en
voederadditieven (5, 13, 14). Een kat kan voor
meerdere voedermiddelen allergisch zijn (11).
Uit de bovenstaande lijst met voedermiddelen
die voedselallergie bij katten kunnen
veroorzaken blijkt dat er niet in het algemeen
gesteld kan worden welke voedermiddelen
allergische reacties veroorzaken en welke
voedermiddelen niet. Bij de ene kat zal een
hypoallergene voeding bestaande uit lamsvlees
de symptomen van voedselallergie voorkómen,
terwijl lamsvlees bij een andere kat juist
symptomen van voedselallergie kan veroorzaken.
Gangbare commerciële kattevoeders bevatten
veel gemeenschappelijke bestanddelen. Het is
daarom niet zinvol te trachten symptomen van
voedselallergie te vermijden door het ene
commerciële kattevoeder te vervangen door het
andere (1, 10).
-
- Behandeling
van voedselallergie met behulp van een
hypoallergeen dieet
- Katten
met voedselallergie kunnen vrij van symptomen
gehouden worden door het voedermiddel waarvoor
zij allergisch zijn voortaan te vermijden. Als
een kat allergisch reageert op melk of een
snack, zijn deze voedermiddelen eenvoudig uit
de dagelijkse voeding te verwijderen en kan
een normaal commercieel kattevoeder verstrekt
worden. Wanneer de kat allergisch is voor een
component uit commercieel kattevoeder, is het
noodzakelijk dat de kat een hypoallergeen voer
krijgt, dat het betreffende voedermiddel niet
bevat. Voor dit doel kan een zelfbereid
voeder, dat als hypoallergeen eliminatiedieet
is gebruikt, dienen. Zelfbereide diëten,
bestaande uit uitsluitend lamsvlees en rijst,
bevatten echter niet alle benodigde
voedingsstoffen. Voor volwassen katten die
langer dan ca. 6 weken een zelfbereid dieet
krijgen en voor kittens in het algemeen, geldt
dat er extra voedingsstoffen (oa. calcium,
thiamine, ijzer, vetzuren en taurine) aan het
zelfbereide dieet toegevoegd moeten worden (8,
13). In plaats van het zelfbereide dieet
kunnen ook speciale commerciële hypoallergene
diëten gebruikt worden. Een voordeel van
commerciële hypoallergene diëten boven
zelfbereide diëten is dat zij gemakkelijk in
gebruik zijn en een volledige en
uitgebalanceerde samenstelling hebben. In
enkele gevallen kunnen commerciële
hypoallergene diëten het voordeel hebben dat
zij minder tandplak, verstopping, diarree en
gewichtsverlies veroorzaken (12). Er zijn
echter ook nadelen verbonden aan het gebruik
van commerciële hypoallergenen diëten.
Sommige dieren accepteren de diëten slecht of
vertonen toch symptomen van voedselallergie
(9). Het opnieuw verschijnen van symptomen na
verstrekking van commerciële hypoallergene
voeders kan veroorzaakt worden door de
toevoeging van componenten die het voeder
nutritioneel volledig maken (12).
- Prognose
- Als
eenmaal het allergie-veroorzakende
voedermiddel is vastgesteld, is de prognose in
het algemeen zeer goed (5, 13).
Voedselallergie zelf is niet te genezen, maar
de symptomen zijn te voorkomen door het
allergie-veroorzakende voedermiddel in de
voeding van de kat te vermijden. Door
gedurende de rest van het leven een geschikt
hypoallergeen dieet te verstrekken kan de kat
vrij van symptomen gehouden worden. Soms kan
zich een voedselallergie voor een component
van het hypoallergene dieet ontwikkelen (6).
Het is dan belangrijk opnieuw een geschikt
hypoallergeen dieet te vinden.
-
- Geraadpleegde
literatuur